Is dit de nieuwe arbeidscultuur mevrouw De Coninck?

Geachte mevrouw De Coninck,

Vorige vrijdag lazen wij in De Morgen en De Standaard dat u een aantal maatregelen nam om de uitzendsector te moderniseren: een rem op dagcontracten en recht op uitleg bij niet-aanwervingen. Wij juichen dergelijke maatregelen toe, want ze getuigen van de wil om uitzendkrachten met meer respect te benaderen. Maar we vrezen, mevrouw De Coninck, dat de regels die u uitvaardigde weinig tot geen effect zullen hebben. En dit om twee redenen.

Een eerste is van praktische aard. Hoe zal u afdwingen dat de nieuwe regels worden nageleefd? Aangezien interimarbeiders zich quasi onmogelijk syndicaal kunnen organiseren is het weinig waarschijnlijk dat zij misbruiken systematisch zullen aangeven. Hun eerste zorg is uiteindelijk om morgen of volgende week brood op de plank te hebben. Onrustwekkende signalen vanuit het rapport van het Netwerk tegen Armoede en van ACV-jongeren, Jeunes CSC, JOC en KAJ (Zwartboek Interim, vanaf midden januari beschikbaar bij KAJ) suggereren dat de overheid nauwelijks zicht heeft op het dagelijkse reilen en zeilen in de interimsector. Door het vluchtige karakter van interimarbeid, de geïsoleerde positie van de uitzendkracht en de omvang van de sector, lijken noch de overheid, noch de vakbonden grip te krijgen op de situatie.

Een tweede reden, mevrouw De Coninck, is dat u nalaat om toekomstgericht te denken. U weet uiteraard dat grote aantallen lager geschoolde jongeren, ouderen en mensen in armoede enkel via interimarbeid toegang krijgen tot de arbeidsmarkt. De sector breidt zich uit.

Mogen we ons in de toekomst allemaal aan dergelijke jobs verwachten? Gelooft u daadwerkelijk in een arbeidsultuur waarin flexibiliteit centraal staat? U klampt zich wellicht vast aan de theorie dat uitzendarbeid leidt tot vast werk. Wij dagen u uit om cijfers en percentages bekend te maken van het aantal interimarbeiders dat ‘binnen afzienbare tijd’ vast werk vindt. Dat wil zeggen, binnen een periode van twaalf maanden, waarna de inschakelingsuitkering die uw regering heeft ingevoerd begint. En differentieer naar de hierboven omschreven deelgroepen.

Misschien oppert u dat de arbeidsmarkt nood heeft aan een dergelijke flexibele benadering. Maar kan u dit, als het al op economische gronden hard te maken valt, verantwoorden vanuit menselijk oogpunt? Hoe zal u inkomenszekerheid garanderen voor mensen die langdurig in flexibele arbeidssituaties moeten werken, die de ene week wel werk hebben, de andere niet? Hoe zal u ervoor zorgen dat iemand die een week broodjes verkoopt, vervolgens kippen moet slachten en dan een maand als productiearbeider aan de slag moet zich professioneel en als mens kan ontplooien? Hoe zal u mogelijk maken dat wie langdurig als interimarbeider van job naar job gaat een netwerk kan ontwikkelen, een band kan opbouwen met collega's, zich syndicaal kan engageren? Hoe zal u ervoor zorgen dat deze mensen het gevoel krijgen dat ze een volwaardig deel uitmaken van deze samenleving en een gewaardeerde bijdrage leveren?

Dit, mevrouw De Coninck, zijn volgens ons de echte uitdagingen. En die uitdagingen laten zich niet enkel voelen in statistieken en cijfers, maar vooral ook in de concrete ervaringen van interimarbeiders. Wij raden u aan om daar bij het vormgeven van uw arbeidersbeleid naar te luisteren. Want het feit dat u geweigerd heeft aan het debat rond Zwartboek Interim deel te nemen, mevrouw De Coninck, wekt de indruk dat u meer minister van de interimsector bent dan minister van werk. Wij hopen dat de maatregelen die u uitvaardigde meer zijn dan wat window-dressing.

Steeds bereid om positief mee te werken aan een nieuwe arbeidscultuur,

namens KAJ vzw

Bart Holvoet, voorzitter.